De stoffen in de brandharen van de brandnetel zijn verantwoordelijk voor de prik en jeuk, Acetylcholine, histamine, serotonine en mierenzuur. Het netelmechanisme van de brandnetels werkt wanneer je de plant aanraakt. Om zichzelf tegen aanvallen van buitenaf te beschermen laat de brandnetel de top van het haartje eraf vallen en komt er een naaldje tevoorschijn. Deze naaldjes prikken in je huid en brengen daarmee een cocktail van stoffen in je lijf. Deze cocktail bestaat uit histamine, serotonine, acetylcholine en mierenzuur. De combinatie van deze stoffen veroorzaakt de bultjes en de jeuk.
Histamine is een stof die ook in ons lichaam voorkomt en bevindt zich in immuuncellen.
Acetylcholine is in ons lichaam een neurotransmitter, die vooral betrokken is bij de impulsoverdracht van zenuwcellen naar skeletspiercellen. Als er teveel histamine in ons lichaam voorkomt, bijvoorbeeld door een brandnetel prik, ontstaat er een allergische reactie.
In combinatie met de andere stoffen uit de brandnetel naald veroorzaakt serotonine in de huid vooral irritatie en pijn. Acetylcholine en mierenzuur veroorzaken – waarschijnlijk – het branderige gevoel dat je krijgt nadat je in aanraking bent geweest met de brandnetel. Puur mierenzuur is een bijzonder bijtende stof. Acetylcholine is ook de stof die aanwezig is op de angel van de wesp en de bij. Ook hier is het verantwoordelijk voor het ontstaan van een branderig gevoel.
Login and Registration Form
Log In